Het ontstaan van het wadlopen
Het schijnt dat in de strenge winter van 1928 / 1929 de “ijswadtochten” al bestonden,
tenminste toen werd erover geschreven.
Over die winter schreef Sake van der Werff namelijk een boek.
Dit boek ging over mensen die van de eilanden en van vaste land,
de tocht volbrachtten over de bevroren Waddenzee, die verbinding maakte tussen deze.
Dhr. Derk Schortinghuis uit Den Haag, claimt de uitvinder te zijn
van het wadlopen in de warmere seizoenen.
In 1939 liep hij naar Rottumeroog.
Maar ook hij moet geweten hebben dat het wadlopen van alle tijden is,
ook al stond het toen nog niet zo bekend.
Het schijnt dat monniken uit de kuststrook, in de dertiende eeuw
over het drooggevallen Wad naar het eiland Schiermonnikoog liepen.
En in het begin van de 17e eeuw ontvluchtte een boerenknecht Rottumeroog,
na een ruzie met zijn baas. Hij ontkwam zo de galg en bereikte het vasteland.
Abrahamse, een man die mede aan de basis stond van de popularisering van het wadlopen,
praat over wadlopen als een abstract landschap met diversiteit en overgangen,
wat zo geweldig is omdat het wad het enige weidse gebied in Nederland is wat we nog hebben.
Hij beschrijft het uitzicht als je op de dijk staat in noord-Groningen,
je aan de ene kant de ploegsporen, populieren en wierden ziet
en aan de andere kant de vervagende grenzen van het Wad.
Bij heiig en windstil weer zie je geen overgang tussen lucht en water en tussen lucht en land.
De kust is een onderdeel van het Wad.
In Friesland en Groningen behoort de kuststrook tot de oudste cultuurlandschappen van Nederland.
Het Reitdiepgebied is het Toscane van Nederland.
Ezinge is ouder dan Rome. Zo heeft Abrahamse het wad prachtig beschreven.
In de jaren zestig, werd het wadlopen zo populair dat het door hele volksstammen werd ontdekt.
In die tijd waren er twee dingen die je gedaan moest hebben om erbij te horen.
Dat was 1. Geblowd hebben en 2. Te voet het wad overgestoken zijn.
Dat was de ultieme overwinning op jezelf, de natuur en de vijandige elementen.
Tochten werden massaal georganiseerd naar Ameland, Schier, Rottumeroog, Rottumerplaat,
Engelsmanplaat, Simonszand, Terschelling, Griend of De Richel.
Er waren in die tijd zoveel tochten dat er om het kwartier een groep van honderd man vertrokken.
Duizenden mensen. Naast het wadlopen ontstonden er ook
kwelderzwerftochten, excursies en bankwandelen.
Maar eind jaren zeventig nam deze hype zijn belangstelling terug.
Mensen verdronken en er waren bijna-ongelukken,
waarbij wadlopers met helikopters en reddingsboten
in veiligheid moesten worden gebracht. Dit schrok het aantal wadlopers terug,
maar eind jaren tachtig liep het aantal wadlopers toch weer op
naar het oude niveau van zo’n 40.000 per seizoen.
Er werden afspraken gemaakt over de beperking van groepen,
routeverdeling en er werden meer gidsen aangesteld
en daardoor kregen de mensen meer vertrouwen in het wadlopen.
Ieder plaatsje aan het wad heeft zo zijn eigen verhaal over hoe het wadlopen ontstond.
In Pieterburen stond boer Hylke Dijkstra bekend als de eerste wadloper.
Nog steeds wordt hij herdacht door de wadloopstichting Dijkstra die volop wadlooptochten organiseert.
Zo gingen duizenden mensen u voor, op hun tocht over het wad.
Een reden om nu die boeking rond te maken.
* Wadlopen als familieweekend,
* Wadlopen als uitje voor uw vrienden,
* Spoor uw baas aan tot een bedrijfsuitje,
* Regel die spannende tocht voor uw club of vereniging,
* Of neem uw klas mee op avontuur over het wad!
Uw overnachting direct regelen of informatie vragen?
Klik dan hier!
Of nog even verder kijken, dan kunt u klikken in het tabblad overnachten.
| < Vorige | Volgende > |
|---|






